http://wordpress.cinemapp.com/wp-content/uploads/2019/06/toy-story-4.jpg

Toy Story 4: waardig afscheid nemen

Wat als we plots niet meer relevant zijn? Wat als we ons plots niet meer gewild voelen? Wat als degenen die we liefhebben ons ontgroeien? Wat als we gedwongen worden om in onszelf te kijken? Pixar heeft er goed aan gedaan om Woody, Buzz Lightyear en hun plastieken kameraden nog een keer vanonder het stof te halen om een warm antwoord te formuleren op al die vragen in alweer een geslaagd animatie-avontuur.

Je kan je afvragen of het wel nodig was om de franchise omtrent de geliefde speelgoedfiguren nog maar eens uit te breiden. Toy Story 3 werd aanvaard als het perfecte einde van Pixars meest bejubelde filmreeks. En eigenlijk mag je die film nog steeds als een ideaal sluitstuk beschouwen. Aflevering vier is namelijk meer een prachtige epiloog die als vanouds trefzekere humor, vooruitstrevende animatie en volwassen thema’s op sublieme wijze met elkaar mixt.

Zoals je kon zien tijdens de laatste momenten van nummer drie behoren de helden van Toy Story nu toe aan de schattige kleuter Bonnie (Madeleine McGraw). Helaas is Bonnie Andy niet, met als gevolg dat het meisje haar interesse in Woody (Tom Hanks) als speelkameraad verliest. Erger nog: ze vindt een gloednieuwe speelvriend in Forky (Tony Hale), een figuurtje dat ze zelf in elkaar heeft geknutseld op school. Maar Forky is geen fan van het speelgoedleven en probeert een manier te vinden om te ontsnappen aan Bonnie. Woody ziet hoe belangrijk Forky voor zijn nieuwe eigenaar is en probeert het verwarde vorkje te overtuigen om er voor het meisje te zijn. Een missie die de cowboy en de rest van de bende in heel wat wilde belevenissen stort.

Wat de Toy Story-films vaak zo beklijvend maakt is het onderhuidse gevoel van angst dat erin verwerkt is. Geen angst in de horrorbetekenis, maar eerder een begrijpelijke, menselijke angst waar je je mee kan identificeren. De filmserie boorde vaak onze schrik voor gescheiden te worden van onze geliefden aan. Andere angsten die vaak terugkeerden zijn de universele vrees om niet meer geliefd te worden en om opzij geschoven te worden door zij die ons nauw aan het hart liggen. Dat kon je lezen in Woody die zich bedreigd voelde door Buzz (Tim Allen) in de eerste film, in de angst van het speelgoed voor een yard sale en de zorgen die een ouder wordende Andy met zich meebracht. In Toy Story 4 wordt die angst nog verder uitgewerkt door onder andere Woody te gebruiken als een vehikel om te tonen hoe we kunnen groeien uit bepaalde situaties en levensfasen.

Woody wordt in deze film neergezet als iemand die onbuigzaam vasthoudt aan zijn principes en moreel kompas. Hij stelt alles in het werk om het goede te doen voor zijn jonge eigenaar. Maar de makers durven de motivaties van het hoofdpersonage in vraag stellen. Zijn de dingen die hij onderneemt in de film wel de dingen die hij moet doen? Hij wordt voortgestuwd door een innerlijke stem die hij blindelings volgt. De film vindt zijn thematische kracht vanaf dat Woody wordt gedwongen om kritisch te luisteren naar die innerlijke stem en om moeilijke keuzes te maken.

En zo voelt deze film nooit echt irrelevant aan. De weg die dit avontuur inslaat, sluit mooi aan bij wat voorafging. Toy Story is duidelijk nog niet uitgepraat en eist onze aandacht nog een keer op om ons erop te wijzen dat we het verleden soms moeten loslaten en dat we soms eens iets nieuw moeten proberen. Boodschappen die weer als een emotiebom op je worden gedropt. Want ja, Woody en co. weten nog steeds hoe ze je traanklieren moeten manipuleren en hoe ze van je hart een warm oventje moeten maken.

Maar wees gerust, er is ook voldoende waarmee je je een breuk lacht. Nieuwkomer Forky die een uit de kluiten gewassen existentiële crisis beleeft, Ducky (Keegan-Michael Key) en Bunny (Jordan Peele) die een sleutel proberen te bemachtigen en stuntfiguur Duke Kaboom (Keanu Reeves!) leveren een flinke lading comedy gold op.

En dan is er nog de terugkeer van Bo Beep (Annie Potts), die een sleutelrol heeft in deze film en naast Woody het belangrijkste personage is in dit verhaal. Het is een opluchting dat ze er niet wordt bijgesleurd als een doorzichtig feministisch verhaalelement. Nope, good old Bo wordt mooi gekneed tot een volwaardig personage dat onmisbaar is voor wat de prent wil vertellen.

En ja, verder is Toy Story 4 weeral een masterclass in digitale animatie, met de antiekwinkel als absolute pronkstuk. Telkens je denkt dat Pixar de top van zijn kunnen heeft bereikt, toveren ze weer iets indrukwekkender uit hun hoed. Let bijvoorbeeld maar eens hoe er wordt gespeeld met belichting en water. Ver-bluf-fend!

Pixar heeft het dus weer voor elkaar gekregen. Is dit de beste Toy Story? Dat zeker niet. Maar de film staat wel zijn mannetje naast de vorige drie kleppers. We nemen dus voor een tweede keer met een gerust hart afscheid van de speelgoedvrienden die ons al 24 jaar een geborgen gevoel bezorgen. Benieuwd of dit inderdaad het echte afscheid is en blijft.