https://wordpress.cinemapp.com/wp-content/uploads/2018/12/Bumblebee.jpg

Recensie Bumblebee

De (veelal) verguisde maar financieel lucratieve Transformers-saga die Michael Bay in het leven riep, krijgt een makeover dankzij Kubo and the Two Strings-regisseur Travis Knight. Met minder toeters en bellen en meer dan een nieuw laagje verf is Bumblebee een gepolijst hoogtepunt in het live-action Hasbro-universum.

Eenvoud siert – een leuze die Travis Knight en zijn Bumblebee-team wel degelijk kennen en succesvol toepassen om een aftandse franchise nieuw leven in te blazen. In tegenstelling tot de complexe en verwarrende mythologie die Bays vijfdelige Transformers-saga kenmerkt (om maar te zwijgen van de raciale karikaturen), krijgen bioscoopgangers ditmaal een simpel verhaal voorgeschoteld dat focust op een eigenzinnige gele Kever en de punktiener die hem op de schroothoop ontdekt.

Nochtans gaan de zaken als vanouds van start, met chaos op Cybertron waar de rebellerende Autobots een verwoede strijd voeren tegen hun Decepticon-tegenstanders. Wanneer Optimus Prime inziet dat het gevecht om de thuisplaneet een verloren zaak is, krijgt B-127 de opdracht om naar de aarde te vluchten en daar een nieuwe uitvalsbasis voor het Autobot-verzet op te richten. Een onzachte landing op een militair oefenterrein en bijbehorende kennismaking met de troepenmacht van Agent Burns (John Cena) zorgen ervoor dat B-127 zijn spraakfunctie verliest en zijn geheugen rake klappen incasseert. Met zijn laatste krachten tovert de Autobot zichzelf om in een gele Kever.

Explosies, rook en een afwisseling van vliegende brokstukken en glimmend staal doen tijdens het eerste kwartier denken aan de Bayhem van weleer, ware het niet dat de actiescènes minder hyperkinetisch aanvoelen en, in tegenstelling tot de voorgaande Transformers-films, aangewend worden om het verhaal te vordereren. Kijkers kunnen er in Bumblebee maar beter aan wennen: gedaan met doelloze schermutselingen die dienst doen als excuus om het bioscoopscherm te overspoelen met duizenden pixels en een CGI-tsunami.

Dat minder soms meer oplevert, passen Knight en scenariste Christina Hodson ook toe op de personages. Met voornamelijk één robotheld en één menselijke protagonist kan de film zich scherp toespitsen op de vertrouwensband die geleidelijk ontstaat tussen Charlie (Hailee Steinfeld), een bijna volwassen tiener met ambities als mecanicien, en B-127, de auto die ze aanvankelijk op een schroothoop ontdekt en hoopt te herstellen om haar nieuw samengesteld gezin en de herinnering aan haar recent overleden vader te ontvluchten. Al snel onthult de Transformer, die ze de bijnaam Bumblebee geeft, zijn ware aard en beide helpen elkaar in het (her)ontdekken van wie ze zijn.

Knight komt nergens echt vernieuwend voor de dag en je kan het verhaalverloop min of meer raden zodra Charlie de contactsleutel omdraait en ook de Decepticons het signaal van B-127 oppikken. Thema’s als het overwinnen van trauma, het vinden van moed en leren omgaan met verandering maken al decennia deel uit van de coming-of-age-formule en passeren ook hier in een of andere vorm de revue. Dat de voorspelbaarheid niet stoort, heeft veel te maken met de innemende manier waarop de relatie tussen Bumblebee en Charlie vorm krijgt, het visuele vernuft, en ook de jaren 80 setting die de inherente (en komische) charme van de onhandige Bumblebee een nostalgieboost geeft (onder meer door middel van de soundtrack, boordevol golden oldies).

Met openlijke referenties naar dé coming-of-age-klassieker van de jaren 80 (The Breakfast Club), Spielberg DNA (E.T. the Extra-Terrestrial) en een vleugje Brad Bird (The Iron Giant), voelt Bumblebee van begin tot eind aan als een onschuldig, old school familieavontuur en de narratieve clichés dragen er op hun beurt toe bij dat de film eerder op een comfortabele dan stroperige manier vertrouwd aanvoelt.

Hailee Steinfeld geeft de film een eigentijdse draai als tomboy die haar eigen boontjes dopt en weinig hulp nodig heeft van een sympathieke maar onbeholpen buurjongen die een oogje op haar heeft. Ook in Bumblebee heeft de True Grit-ster geen moeite met het dragen van de film al krijgt ze wel minder vinnige dialogen geserveerd dan in The Edge of Seventeen.

Bumblebee is een absolute aanrader voor wie onschuldig popcornentertainment kan waarderen en ook voor gezinnen die een sympathieke film zoeken tijdens de kerstvakantie. Adrenalinejunkies moeten zich overigens geen zorgen maken aangezien Bumblebee, net als voorgaande Transformers-films, afstevent op een actiegeoriënteerde climax. Alleen is het een verademing om zien dat, in handen van Knight, de emotionele dimensie en karakterprogressie daarin niet ten koste gaan van allerlei technische hoogstandjes.