Niet zo verwonderd als de titel had beloofd

Het gaat Brian Selznick tegenwoordig goed voor de wind. Brian wie, vraag je? Selznick is een kinderboekenschrijver die opeens grote populariteit vergaarde toen niemand minder dan Martin Scorsese één van zijn verhalen – The Invention of Hugo Cabret – in 2011 verfilmde onder de titel Hugo. In datzelfde jaar schreef Selznick een nieuw boek en dat werd dan weer opgepikt door Todd Haynes. Haynes had na Carol opnieuw wel zin in een film rond een bepaalde tijdsperiode.

Wonderstruck leek perfect in zijn straatje te passen. De eerste plotlijn speelt zich af in 1927 waarin we het dove meisje Rose volgen die een ontmoeting met haar idool wilt. Een iconisch jaar, want het staat in de filmgeschiedenis vooral gekend als het jaar waarin de de silent film overging naar de geluidsfilm (met The Jazz Singer als grote ‘schuldige’) en Haynes speelt vlotjes met de gekende stijl van een silent movie. Veel weidse gebaren, een piano soundtrack en Rose straalt zo eenzelfde tristesse uit die we niet meer hebben gezien sinds Charlie Chaplin het scherm sierde. Visueel komt de zwart-wit stijl bovendien mooi tot zijn recht en je merkt dat het iets is waar Haynes erg veel plezier in heeft.

De tweede plotlijn concentreert zich op de jonge Ben in 1977 die na de dood van zijn moeder op zoek gaat naar zijn vader. Haynes kiest om grotendeels voor eenzelfde aanpak te gaan als met Rose (Ben krijgt in het begin een ongeluk waardoor hij ook doof wordt), maar de jaren ’70 zonder geluid? Het werkt toch niet zo goed. Naar het midden toe kabbelt de film maar wat verder en verder, zo duurt de scène in het museum wel erg lang, maar uiteindelijk komt er schot in de zaak. En hoe! Vanaf de boekenwinkel laat Haynes ook in de jaren ’70 een visueel indrukwekkend stukje cinema zien (die maquette!) en hoewel je het einde van ver ziet aankomen, werkt het wel.

Oakes Fegley (Ben) in de jaren ’70 verhaallijn

Wat een rol trouwens voor Millicent Simmonds! Haynes stond erop dat de actrice die Rose ging spelen effectief doof moest zijn en koos haar, samen met zijn casting director Laura Rosenthal, uit ongeveer 200 kandidaten. Simmonds had voorheen nog geen acteerervaring – ondertussen lijkt haar carrière gelanceerd te zijn met een rol in A Quiet Place, één van de meest geanticipeerde horrorfilms van de laatste jaren – maar oogt enorm naturel en overtuigt over de gehele lijn. Uiteraard moeten de twee verhaallijnen uiteindelijk samenkomen, maar jammer genoeg oogt het qua cast niet helemaal correct verdeeld.

Waar Simmonds dus met een mooie naturel speelt, oogt Oakes Fegley wat geforceerder. Hij heeft natuurlijk niet het “voordeel” dat hij effectief doof is, maar zijn verhaallijn is ook gewoon minder interessant. De eerlijkheid gebiedt me daar ook wel aan toe te voegen dat ik sowieso al niet zo’n fan ben van kinderen in films. Nog wel een paar leuke bijrollen trouwens. Zo is Julianne Moore perfect gecast als de mythische actrice van wie Rose allerlei knipsels verzamelt en is Michelle Williams altijd wel een meerwaarde in een film. Beetje jammer dat een actrice van haar status hier wat onderbenut blijft, maar dat terzijde.

Lastig te beoordelen. Had Haynes zich volledig op het 1927 segment gestort, dan had hier een vele interessantere film in gezeten. Het stuk in 1977 heeft natuurlijk ook wel zijn charme, maar oogt toch heel wat minder fris. De film speelt voor de rest met de nodige clichés zonder (te hard) in de sentimentele val te trappen. Simmonds is de grote revelatie van Wonderstruck, ben benieuwd wat we hier nog van gaan horen.