Klamme handen, een verhoogde hartslag, adrenaline die door je lijf raast, je adem die af en toe stokt en een wriemelend achterwerk in je bioscoopstoel. Suspense kan een intense filmervaring teweegbrengen. Zeker als het een consistent, slim en doeltreffend ingrediënt vormt van een film. En laat dat nu net het geval zijn in A Quiet Place, de derde langspeelfilm van regisseur-acteur John Krasinski. Een masterclass in spanning zoals we het niet vaak zien.

Krasinski dropt ons in zijn scifi-thriller in een wereld die volledig in de ban is van stilte. Als kijker volgen we een gezin, de Abbotts, dat haar uiterste best doet om zich zo geruisloos mogelijk voort te bewegen. Waarom? Omdat de wereld nog niet zo lang geleden werd overspoeld door bloeddorstige monsters – aliens? – die enkel aanvallen op basis van geluid. Evelyn (Emily Blunt), Lee (Krasinski) en hun drie kinderen moeten daarom een zo stil mogelijk leven leiden indien ze willen overleven.

Gevolg: er wordt amper een woord gezegd in A Quiet Place. Los van wat gefluister houden Emily Blunt, Krasinski en de getalenteerde kindacteurs hun mond. En dat geeft deze film natuurlijk een interessante dimensie. Het zorgt er vooral voor dat je als toeschouwer zeer alert naar het witte doek staart. Met elke beweging en elke verkeerde stap kan de hel losbarsten. Iets wat Krasinski al tijdens de eerste minuten van de film duidelijk maakt. Dit is een wereld waarin slachtoffers kunnen vallen en veiligheid een zeer broze illusie is.

Wat Krasinksi met A Quiet Place laat blijken is dat hij als cineast snugger genoeg is om met een vrij strakke plot toch een gigantische dosis ondragelijke spanning op je af te vuren. Het deed ons soms denken aan het vroege Hitchcockiaanse werk van Steven Spielberg: Duel en Jaws. Net als die films weet A Quiet Place via eenvoud en een rechtlijnige premisse een bevredigende en zeer filmische kijktrip te boetseren.

Nog een overeenkomst die Krasinski met Spielberg vertoont is een neus voor een emotionele lading. De regisseur wil er niet enkel voor zorgen dat je al je nagels afbijt, maar hij wil ook dat je geeft om zijn personages. Daar slaagt hij grotendeels in. Omdat het gezin niet echt een backstory krijgt, kruipen de personages niet volledig onder je vel, maar door de chemie en de acteerprestaties van de acteurs ben je net genoeg met hen begaan.

Maar laten we ook realistisch blijven, een thriller van Jaws-niveau is dit niet. Daarvoor voelt de film soms iets te repetitief aan. En we vroegen ons ook af of de soundtrack de film soms niet te vaak parten speelt. Ja, de muziek van Marco Beltrami is doeltreffend, maar had de film niet nog sterker geweest indien Krasinski voor volledige stilte was gegaan op de klankband? Misschien.

Ontkennen dat A Quiet Place onder pientere filmambacht valt, kunnen we niet. Krasinski toont met dit vehikel een knappe vastberadenheid. Hij weet wat hij wil bereiken en slaagt daar ook in. hij kent inderdaad nog ruwe kantjes die bijgewerkt mogen worden. Maar één talent heeft hij al zeker: kijken en leren van de allergrootsten en daar zijn eigen ding mee doen. Velen voor hem hebben hetzelfde geprobeerd, wat niet altijd even degelijk materiaal als A Quiet Place opleverde.