Don Quichot is dood, lang leve Don Quichot

Het was heuglijk nieuws toen begin juni bekend geraakte dat Terry Gilliam eindelijk zijn epos over Don Quichot had afgewerkt. Zoals wel vaker bij het werk van Gilliam was het een project van lange adem dat op veel tegenslag kon rekenen, maar eindelijk waren de opnames klaar. Een jaar laten waren de verwachtingen hoog gespannen, maar de kritieken waren echter niet mals en dan begin je je af te vragen: was het het allemaal wel waard?

Kort gezegd: ja! The Man Who Killed Don Quixote is misschien wel één van de meest toegankelijke films die Gilliam ooit heeft gemaakt. De voormalige Monty Python-ster slaagt er in om een geweldige combinatie te maken van absurde humor en toch geloofwaardig blijven. Het spreekwoord ‘Van de regen in de drup’ is nog nooit zo toepasselijk geweest en het is heerlijk om te zien hoe Toby ongewild meer en meer verwikkeld geraakt in de fantasiewereld van Javier en zich daar ook meer en meer begint thuis te voelen. Met zijn speelduur van meer dan twee uur is dit echter wel een lange zit en dan is het des te knapper hoe Gilliam zijn film in gang houdt.

Naar het einde kan hij zich als vanouds laten gaan in een wervelwind van creativiteit en goede ideeën, maar daar verslikt hij zich wat in zijn eigen kunnen. Wie gekend is met het werk van de regisseur, weet dat hij sommige zaken erg groots ziet. Voor The Man Who Killed Don Quixote is dat niet anders en hoewel het er geweldig uitziet (het ‘ritje’ naar de maan is trouwens erg leuk, inclusief verwijzing naar de bekende maan van Georges Méliès), is het wel erg veel dat opeens op je afkomt. Lijkt me zo’n stuk waar je een tweede (of zelfs derde of zelfs vierde) keer nog details in ziet die je daarvoor nooit zijn opgevallen.

Jonathan Pryce als Don Quichot

Geld is de voornaamste reden waarom het zo lang heeft geduurd vooraleer de film eindelijk af was, maar ook de cast zorgde voor problemen. Film blijft natuurlijk een branche waar planning belangrijk is en The Man Who Killed Don Quixote heeft in al die jaren te lijden gehad onder een wisselende cast. Zo was het een komen van gaan van acteurs vanwege planningsredenen – Johnny Depp en Michael Palin haakten af – maar ook de dood stak er hier en daar een stukje voor – John Hurt kwam in 2014 in het project maar overleed in 2017 – waardoor de hoofdrollen uiteindelijk naar Jonathan Pryce en Adam Driver zijn gegaan. Een geweldige combinatie en zeker Driver laat hier zich van zijn beste kant zien.

Verder nog erg geslaagde bijrollen van wat meer vertrouwde rotten in het vak (Stellan Skarsgård kan nooit iets verkeerd doen en kan zich hier uitleven als de geldschieter van het nieuwe, op voorhand gedoemd project, van Toby) maar ook een aantal leuke nieuwe namen. Zo is Joana Ribeiro als Angelica/Dulcinea een geweldig klankbord voor Driver en die combinatie zorgt voor een handvol geslaagde scènes. De twee tillen elkaar echt op naar een hoger niveau (de scène tussen Pryce, Driver en Ribeiro na de ontmoeting in de grot is misschien wel het leukste what the fuck moment in de film) en het is te hopen dat dit een goed opstapje kan zijn voor de verdere carrière van Ribeiro.

Erg blij dat dit er dan toch nog van is gekomen. Gilliam zijn vastberadenheid levert (gelukkig!) een uitstekende film af en dit zou wel eens één van zijn beste films tout court kunnen zijn. Een perfecte samenloop van cast, verhaal en visuele spielereien. Hopelijk laat de volgende Gilliam-film niet zo lang op zich wachten. Over nog eens 29 jaar is Gilliam 106 jaar oud. Ik vrees ervoor dat hij dan nog steeds films is aan het maken.